Op 1 oktober 2010 sloten jongeren het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen. Tijdens een jongerenforum met de titel Het museum is dood. Leve het het museum kregen ze de kans om hun zegje te doen over wat voor hen het ideale museum is. Dit zijn hun conclusies en aanbevelingen:
Jongeren houden niet van gesloten dozen
Jongeren pleiten voor musea die als publieke ruimtes in interactie staan met hun omgeving. Enerzijds willen jongeren van buiten naar binnen kunnen kijken. Anderzijds willen ze ook van binnenuit visueel contact met de buitenwereld. Ze gaan zelfs nog verder. Zo suggereren ze dat het museum op verplaatsing zou moeten gaan. Jongeren pleiten ook voor een niet-betalend gedeelte in musea waar je kan binnen wandelen en informatie kan opzoeken. Museumruimtes moeten ook gebruikt kunnen worden voor andere doeleinden, zoals feestjes, films of concerten.
Jongeren houden van variatie
"Alle ruimtes in het museum zien er hetzelfde uit", aldus de jongeren die deelnamen aan het forum. Daarom is heel het museum in dezelfde sfeer gehuld. Suggesties om dit anders aan te pakken zijn:
- Variatie in wat en hoe er getoond wordt (niet volgens de opdeling hedendaags/oud, zowel fotografie en schilderkunst als beeldhouwwerken,… )
- Variatie in de vorm en de kleur van ruimtes
Dit alles zou een museumbezoek attractiever maken. Ook de collectie mag meer variëren. Zo suggereren jongeren een uitleensysteem met stukken uit de vaste collectie van andere musea of thematische tentoonstellingen in plaats van het chronologisch presenteren van de kunstwerken. Zelfs werken van amauteurkunstenaars krijgen een plaats in het museum van jongeren. Want misschien trekken ze wel een ander, breder publiek aan.
Jongeren willen zich vrij voelen
Jongeren vinden de gedragscodes in musea te streng. Akkoord, ze zijn nodig, maar ze zouden op een meer vriendelijke, meer ludieke manier gecommuniceerd kunnen worden. Ze vinden ook een warm onthaal en een aangenaam contact met de suppoosten belangrijk. Op vlak van museumarchitectuur appreciëren jongeren de duidelijkheid over hoe ze door het gebouw moeten lopen. Maar de vrijheid om te verdwalen en zelf te ontdekken is ook belangrijk.
Jongeren willen actie en interactie
"Niet enkel kijken, maar ook doen!" is een van de deviezen van het jongerenforum. Dat ‘doen’ varieert van voelen aan werken en op ‘knopjes drukken’ tot workshops volgen. Interactie gaat voor hen van de relatie bezoeker-kunstwerk en bezoeker-gids tot de relatie tussen bezoekers onderling. Jongeren zouden het ook leuk vinden om andere jongeren rond te leiden in een tentoonstelling.
Jongeren willen graag een leidraad en meer verhaal bij de werken
Extra achtergrondinformatie over de werken, hun makers en de tijd waarin ze gecreëerd werden, kan meer begrip en fascinatie teweeg brengen. Jongeren willen graag beperkte informatie naast de kunstwerken en de mogelijkheid om zelf informatie op te zoeken. Dit kan volgens hen in bibliotheekruimtes of via modernere technologieën zoals computerschermen met muziek, geluid, filmfragmenten, een catalogus die ingekeken kan worden,...
Jongeren vinden dat het museum een totaalbeleving moet zijn
Die beleving start voor het eigenlijke bezoek en loopt ook daarna verder. Op vlak van communicatie spreken ze over het verspreiden van een virus door middel van creatieve, krachtige acties. Die acties moeten teasen, maar ook passen bij het imago van het museum en de inhoud van de collectie/tentoonstelling. De inhoud van de boodschap blijft het belangrijkste. De boodschap moet duidelijk en tegelijk mysterieus te zijn. Communicatie door ‘iconen’ die tot hun leefwereld behoren vonden jongeren ook interessant.
Jongeren willen graag betrokken worden en hun mening geven
Jongeren willen graag delen wat ze van een tentoonstelling vonden. Een gastenboek vinden ze daarvoor te saai. Ze stellen voor om mensen hun mening te laten inspreken en foto’s van bezoekers te nemen. Ook peer-to-peer communicatie vinden ze enorm belangrijk!
