Datum
12/09/2008
-
14/12/2008
In het najaar van 2008 was het KMSKA in de ban van het borstbeeld. Voorbeeldige busten was de eerste overzichtstentoonstelling van monumentale baroksculptuur sinds het Rubensjaar in 1977.
Iedereen kent Rubens, van Dyck en Jordaens als dé vertegenwoordigers van de 17-eeuwse schilderkunst in de Zuidelijke Nederlanden. Maar hun beeldhouwende collega's verwierven in diezelfde periode een even grote faam in binnen- en buitenland. De onbetwistbare grootmeester in de Nederlanden was Artus I Quellinus (1609-1668). De Antwerpenaar Quellinus verbleef jarenlang in de Noordelijke Nederlanden, waar hij niet alleen een diepgaande invloed uitoefende op de bloeiende portretsculptuur, maar ook de befaamde sculpturale decoratie van het Amsterdamse stadhuis uitvoerde. Minstens even belangrijk is het werk van François Duquesnoy (1597-1643). Deze Brusselaar was in Italië bekend als 'il Fiammingo' of 'de Vlaming' en groeide er naast Bernini uit tot de meest succesvolle beeldhouwer. Bij ons is de familie Duquesnoy vooral bekend door het wereldberoemde beeldje van 'Manneken Pis' in Brussel.
Borstbeeld als genre
Het uitgangspunt van de tentoonstelling Voorbeeldige busten was het borstbeeld als genre. Enerzijds kwamen de portretbusten aan bod. Beelden uit de collecties van het KMSKA, het Louvre en het Rijksmuseum Amsterdam boden een uniek overzicht van de hoogstaande portretkunst van Quellinus. De Duquesnoys zijn vertegenwoordigd door een subliem portret van de Gentse bisschop Antonius Triest (1577-1657). Daarnaast werden ook andere aspecten en functies verkend. Er ging ruime aandacht naar de klassieke oudheid, die in vele opzichten haar stempel op het genre heeft gedrukt. Er waren kopieën en afgietsels van antieke sculpturen te zien die voor de 17-eeuwse kunstenaars als studieobject dienden. Schilderijen, gravures en tekeningen van onder meer Peter Paul Rubens illustreerden tot slot de betekenis en de functie van busten in de nieuwe tijd.
Download de bezoekersgids bij de tentoonstelling (PDF, 143 kB)
Deze tentoonstelling werd georganiseerd in samenwerking met de Vlaamse Kunstcollectie
