Restauratie

Binnenkijken bij Studio Rubens: het onderzoek achter de restauratie

Sinds september 2023 vindt in de Rubenszaal van het KMSKA de restauratie plaats van twee monumentale altaarstukken van de oude meester. Terwijl de eerste twee jaar volledig gewijd waren aan de Tronende Madonna omringd door heiligen, is het sinds september 2025 de beurt aan de Aanbidding door de koningen. De diepgaande conservatie van de schilderijen, inclusief reinigen, retoucheren en opnieuw vernissen, vormt niet alleen een uitgelezen kans om het werk wetenschappelijk te onderzoeken: de twee gaan eigenlijk hand in hand in een constructieve wisselwerking. Aan het woord hierover is Lowie Vercruysse, die momenteel de Aanbidding door de koningen onder de loep neemt voor zijn doctoraat. 

Wat onderzoek je precies binnen jouw studieproject?

Mijn onderzoek gaat over Rubens’ altaarstukken, waaronder de Tronende Madonna en de Aanbidding, maar ook nog een aantal bij andere musea. De werken in het KMSKA vormen wel letterlijk en figuurlijk de grootste casestudies. De Aanbidding is het eerste Rubensschilderij van dit formaat dat in zijn geheel wordt gescand met Macro-XRF. Daarmee zitten we in dezelfde grootteorde als bekende restauraties zoals van Eycks Lam Gods of de Nachtwacht van Rembrandt. Op basis van deze scans hopen we enerzijds meer zicht te krijgen op het materiaalgebruik en de schildertechnieken van Rubens. Hoe ging zijn atelier te werk, wat voor pigmenten gebruikte hij of hoe kunnen we op basis daarvan nagaan of hij veranderingen heeft aangebracht aan de compositie? 

Dat laatste hangt bovendien samen met het begrijpen van zijn transfermethodes. We weten dat Rubens zijn altaarstukken voorbereidde op kleinere versies. Deze zogenaamde ‘modelli’ liet hij dan zien aan de opdrachtgevers, vooraleer het echte werk begon. Bij de Tronende Madonna bleek dat er verschillen zijn tussen deze voorbereidende versies en het uiteindelijke schilderij. Wat we nu proberen na te gaan, is of deze werkwijze consequent werd toegepast en of de veranderingen gebeurden bij het overzetten zelf, of erna. Tot slot helpt het onderzoek ook de restauratoren, die op basis van de resultaten beter kunnen inschatten waar er beschadigingen of overschilderingen zijn. 

Je hebt het over Macro-XRF scans, wat houdt dat precies in?

De afkorting Macro-XRF staat voor Macro X-Ray Fluorescence, of in het Nederlands: macro-röntgenfluorescentie. Het toestel werkt als een soort röntgenscanner voor schilderijen. Een scanner stuurt een heel fijne bundel röntgenstralen naar het oppervlak van het schilderij. Die stralen reageren met de verschillende verflagen en sturen vervolgens een signaal terug naar de machine.

Wat deze techniek bijzonder maakt, is dat elk chemisch element in de verf, zoals lood, koper of kwik, een eigen, herkenbaar signaal geeft. Daardoor kan de computer per element een apart beeld maken in grijswaarden. Zo wordt zichtbaar waar bepaalde pigmenten zich precies bevinden in het schilderij.

Het grote voordeel van Macro-XRF is dat de röntgenstralen ook informatie kunnen ophalen uit onderliggende verflagen. Daardoor kunnen onderzoekers dingen ontdekken die met het blote oog niet zichtbaar zijn. Zo kan de techniek verborgen schetsen, overschilderde details of veranderingen in de compositie onthullen.

Dus de leidraden van het onderzoek zijn de pigmenten zelf?

Rubens gebruikte pigmenten op basis van verschillende elementen zoals, lood, ijzer, tin of koper. Op basis van de locatie van de gedetecteerde elementen kunnen we afleiden of er aanpassingen zijn gebeurd, of welke stukken eerder al eens werden gerestaureerd of overschilderd. De pigmenten vertellen ons heel veel over het ontstaan en levensloop van het schilderij.

En dat werkt feilloos?

Het nadeel bij Macro-XRF is dat 3D informatie wordt omgezet in 2D informatie. We krijgen dan wel informatie uit de verschillende op elkaar liggende verflagen, maar deze wordt op een vlak beeld weergegeven. Daardoor weten we niet altijd exact waar een bepaald pigment zich bevindt of hoe de verflagen zijn opgebouwd.  Restauratoren hebben natuurlijk baat bij de info die dankzij technologie allemaal kan worden verzameld. Tegelijkertijd helpen zij echter ook het onderzoek door fysieke stalen te kunnen nemen en zo meer inzicht in de lagenbouw en chronologie van de Aanbidding te bieden.

Wat maakt de werken in het KMSKA zo bijzonder? 

Zowel de Tronende Madonna als de Aanbidding zijn altaarstukken uit de late jaren 1620 en waren hoog toe aan grondige conservatie en restauratie. Het restauratieproject Studio Rubens maakte dit mogelijk, en van deze zeldzame opportuniteit hebben we voor het onderzoek gretig gebruikgemaakt. Want om deze schilderijen grondig te kunnen onderzoeken en scannen zijn we verschillende maanden bezig, wat niet mogelijk is in ieder museum. 

Rond het oeuvre van Rubens hangt al eeuwenlang een sluier van mysterie, wat hem tot de dag van vandaag een intrigerend persoon maakt. Met een productie boven de 1400 schilderijen, waaronder zo’n monumentale altaarstukken, en een heel functioneel atelier onder hem, blijft de vraag bestaan hoeveel en wat precies van zijn eigen hand is. Traditioneel wordt er aangenomen dat hij de composities zelf bedacht op de eerder genoemde ‘modelli’, en zijn atelier dit nadien op groot formaat overzette. Eventuele aanpassingen en correcties deed hij dan weer zelf. Maar honderd procent zekerheid hebben we niet. Daarbij komt nog de oude overlevering die stelt  dat Rubens de Aanbidding wél helemaal zelf zou geschilderd hebben. We hopen natuurlijk dat dit onderzoek hier meer over kan uitwijzen, bijvoorbeeld doordat er minder fouten en aanpassingen te zien zijn. 

Had je daarnaast nog bepaalde verwachtingen voor de Aanbidding?

In principe had ik geen verwachtingen, dat lijkt me de beste houding om van uit te gaan. Wel hoop ik een aantal methoden of handelingen die waren opgevallen tijdens het bestuderen van de Tronende Madonna, hier terug te zien opduiken. Zo kan er misschien een patroon worden uitgestippeld. Een voorbeeld is de pigmentrecyclage die Rubens leek te hebben gedaan, dus het hergebruiken van pigmentresten van allerlei kleuren door ze samen te mengen tot een soort bruin of grijs. Dit valt op door het aantal elementsignalen die zo’n stuk bruin opleveren, ten opzichte van normaal bruin dat meestal enkel ijzer (en/of mangaan) bevat. Maar eigenlijk is elke bevinding die je maakt en misschien niet verwachtte, dubbel zo leuk.

En kan je dan al een tip van de sluier lichten over verdere bevindingen? 

Eén van de bevindingen op basis van de Macro-XRF scans van de Aanbidding is het gebruik van onderliggende halo’s. Dit is het duidelijkst zichtbaar bij de figuur van de Madonna maar werd hoogstwaarschijnlijk ook gebruikt bij Jozef (rechtopstaande figuur rechts). Deze halo’s hebben te maken met de gebruikte schildertechniek en vertellen ons meer over hoe Rubens de compositie schilderde. Hij begon namelijk met het schilderen van de gezichten van de figuren en niet met de achtergrond van het schilderij, wat je misschien zou verwachten. 

Voordat hij een gezicht in detail uitwerkte, schilderde hij eerst een gekleurd vlak op de plek waar het hoofd moest komen. Deze techniek was essentieel voor de lichtinval en de kleurharmonie in het werk. Een gezicht kan er namelijk heel anders uitzien afhankelijk van de kleuren eromheen; op een donkere achtergrond lijkt een huidskleur al snel te bleek of juist te roze. Door eerst deze gekleurde vlakken aan te brengen, kon Rubens de lichtsterkte en de tint van de gezichten perfect afstemmen op de geplande omgeving, nog voordat de definitieve achtergrond was geschilderd. De scans laten zien dat hij de achtergrond pas in een later stadium om de gezichten heen schilderde. Na het schilderen van de gezichten vervolledigde Rubens de figuren en schilderde hij verder van voor naar achteren.

Daarnaast zien we ook verschillende kleine aanpassingen in de compositie, maar deze zijn op een veel kleinere schaal dan de Tronende Madonna. Zo werden bijvoorbeeld de ogen van Balthazar aangepast, een hand op een paal herpositioneerd en de pluim op de hoed aan de linkerzijde verplaatst. Kleine veranderingen met een minimale impact op de compositie, maar wel zichtbaar via Macro-XRF. Ze laten zien dat het schilderproces geen statische invuloefening was, maar een zoektocht naar de balans en dynamiek. 

Calcium

Ijzer

Ijzer 2

Lood

Lood 2

Lood vs. ijzer

Dit onderzoek is mede mogelijk door de samenwerking met de Universiteit Antwerpen. Verder zijn professor Geert Van der Snickt en professor Koen Janssens betrokken in de begeleiding van Lowie’s doctoraat, evenals de onderzoeksgroep ARCHES/AXIS, het FWO en KMSKA-curator en Rubensexpert dr. Koen Bulckens.

Lees verder

Rubens

Blijf verbonden!

Ontvang altijd de laatste nieuwtjes